Latest Blogposts

François Robichon de La Guérinière

François Robichon de La Guérinière (1688–1751) was een zoon van een jurist. Hij reed paard vanuit de ware rijkunst. De rijkunst om de kunst: L’art pour l’art.

Sinds 1715 was hij stalmeester en vanaf 1730 leidde hij de stal van Koning Ludwig XIV. Hij schreef in 1730 het boek ’’Ecole de Cavalerie’’ (Rijkunst). 26 jaar later kwam er nog een tweede boek uit: “L ‘Art de la Cavalerie. Hij wordt beschouwd als een genie in de rijkunst en overtrof veel wat zijn voorgangers deden.

Hij was een voorstander van een methode die vrij was van geweld en meer handelde uit partnerschap. Al wat riskant was voor het paard elimineerde hij en zelf de pilaren werden tot een minimum beperkt qua gebruik. Ook gaf hij aan dat men met minder metaal in de mond van een paard kan werken.

In zijn periode kwam er ook een evolutie in het vervaardigen van het zadel. Men stapte van het vorkzadel af en ontwierp een lichter plat zadel waarbij de knie in een hoek gehouden werd.

Rijkunst als kunst

In zijn tijd streden de vorsten niet meer aan het front en daarmee verloor de wapenrijkunst langzaam aan gewicht en begon de recreatieve rijkunst en ‘’L’Art pour ‘L’Art’’. De rijkunst voor de rijkunst.

Het hoogste doel was niet langer een strijdros maar een luxe paard die voornamelijk mooi moest zijn en elegant moest kunnen bewegen. De rijkunst leidde tot goed geschoolde, wendbare, verzamelde paarden die op elegante wijze de moeilijkste oefeningen konden uitvoeren.

De rijkunst beleefd in deze tijd zijn hoogste bloei, hoewel de rijkunst van het doel bevrijd was, doch niet vervreemd! Elke ruiter die de rijkunst beoefende was tegelijkertijd ook een praktisch ruiter: Wie moest reizen of jagen deed dat te paard. De hele cultuur bevond zich nog op 4 hoeven. Daarmee kon de rijkunst niet vervreemden.

In deze tijd werden carrousels gereden en quadrillen met figuren. Op tekeningen uit die tijd ziet men 12 paarden in courbetten op de volte, wat in onze tijd onvoorstelbaar is qua moeilijkheidsgraat. Ook was men in staat op een zg. Sarabande te rijden: een kruis in Courbettes, bestaande uit twee sprongen rechtuit, twee sprongen naar rechts, vier naar links, twee naar rechts en twee rechtuit. Tot op heden is er niemand meer in de wereld die deze oefening kan rijden.

Methodisch

Het was de tijd van Françoise de La Guérinière, de grootste rijmeester van die tijd en wellicht aller tijden. Hij hanteert in zijn boek ”Ecole de Cavalerie” (1733) als eerste een volwaardige methodische opbouw, met daarin een volledige omschrijving en indeling van alle gangen en oefeningen. Zijn werk vormt de basis voor alle publicaties over de rijkunst en de basis over alle ontwikkelingen binnen de rijkunst. Guérinière nam het bruikbare uit de het verleden.

Zijn opleidingsprincipes waren: Losgelatenheid, gehoorzaamheid, Durchlässigkeit en verzameling. Voor hem was het duidelijk:

‘’Een paard wat zich niet laat buigen in de lengte is niet soepel en kan daarmee geen moeilijke oefeningen leren.’’

Halve ophouding

Guérnière vond de halve ophouding uit die het paard zacht remt. Voor hem hadden alle grootmeesters hun paard met terugwerking in de mond halt laten houden en werden de paarden met kracht stilgezet, vaak met een grote ruk aan de teugel. Guérnière vond dat te ruw en ondervond dat de paarden angst voor het halthouden kregen. Hij ontdekte dat het paard beter en harmonieuzer stopte als het paard met het hele lijf van de ruiter, dus ook met been- en gewichtshulpen, gestopt werd. Guérnière ontdekte de juiste mix van gewicht-, been- en teugelhulpen die leidde tot de halve ophouding:

’’De halve ophouding zorgt voor een lichte verbinding met de paardenmond, ze kan vaak, zonder onderbreking van het ritme, herhaald worden. Na iedere halve parade moet de hand van de ruiter licht naar voren gaan.’’

Schouderbinnenwaarts op de rechte lijn

Guérinière ontdekte ook het schouderbinnenwaarts op de rechte lijn i.p.v. alleen maar op de volte. Hij stelde vast dat de schouder van het paard teveel belast werd op de volte. Daarom ontwikkelde hij deze oefening op de rechte lijn waarbij het paard mals in de rug werd en zich goed kon uitbalanceren. Schouderbinnenwaart is de sleutel voor de rijkunst.

Piaffe

De piaffe werd een basis voor de rijkunst. Zijn principe voor piaffe was het verzamelen vanuit de achterhand en niet van uit de voorhand zoals de Duke of Newcastle beweerde.

Hij realiseerde dat een verzameling ontspannen moest uitgevoerd worden en dit zonder hevige druk. Als het paard van uit de lende kan buigen (wat 6 tot 8 jaar kan duren) is het geschikt om de oefeningen van de hoge school te gaan beoefenen.

0 reacties op “François Robichon de La Guérinière

Plaats een reactie


*